HBC 6 – Waterloo 3
HBC 6 – Waterloo 3 4 – 1 (4 – 1)
Twee seizoenen geleden was de laatste, en enige, ontmoeting tussen Het Vriendenteam en de Driehuizenaren. Waterloo speelde die wedstrijd op zijn zachtst gezegd “onvriendelijk” en ‘t duurde dan ook geen 90 minuten voordat de eerste van de toenmalige thuisploeg met zijn vuisten in ’t rond zwaaide. Met die herinnering nog in het geheugen, wachtte HBC vandaag Waterloo op eigen veld op.
Met een kleine selectie startte HBC. Na in de wedstrijd tegen HFC de centrale verdediger Olthof te zien uitvallen, was nog een aantal spelers afwezig wegens persoonlijke omstandigheden. Toch mocht vandaag geen probleem worden voor de Jonge Goden. En dat werd het ook niet.
HBC startte sterk aan de wedstrijd. Waterloo ging de duels zogezegd “fel” in. “Duwtjes” en “nette slidings” waren geen woorden die in het vocabulaire van een aantal Driehuizenaren voorkwamen. Dat er na 10 minuten nog geen gewonden waren gevallen aan de kant van de thuisploeg was een wonder. Wat wel viel na ongeveer 10 minuten was de eerste goal. Dennis Zeilemaker tekende zijn vijfde van het seizoen op, met een twijfelachtig balletje, wat het optreden van de keeper nog twijfelachtiger maakte. De sfeer werd na die eerste goal wat grimmiger. Waterloo liet zich weinig gelegen liggen. Na een heerlijke goal, waarin het optreden van spits Zeilemaker minder twijfelachtig was, en Kevin Weltevreden heerlijk afdrukte, werd het spel zowaar nog grimmiger en besloot de scheids het spel even stil te leggen. Na een kort intermezzo besloot arbiter Gerritsen het er nogmaals op te wagen; met succes. Het spel verliep rustiger en sportief. In deze fase was HBC heer en meester. Na een lange rush kon centrale verdediger Ronny Zeilemaker zijn 6e doelpunt van het seizoen maken en even later gelegenheidsrechtsback Witteman, met een heerlijke kopbal. Dat later met wat geklungel ook Waterloo nog wist te scoren deed weinig af aan de ruststand: 4-1.
De tweede akte van de wedstrijd leek net zo sportief te verlopen als de eerste. Chaotisch voetbal zorgde ervoor dat de ruststand lang gehandhaafd bleef. Het was vervolgens een kwestie van tijd dat er toch iets knapte bij een speler van de bezoekers. Deze speler kreeg de rode kaart voor natrappen en wilde vervolgens een HBC’er onder de zoden werken. Het tij kon nog gekeerd worden. Gerritsen vond het genoeg: de eindstand bleef 4-1.
